Wat is je BMI en hoe bereken je die?
BMI: je komt de afkorting overal tegen, van de huisarts tot weegschalen en gezondheidsapps. Maar wat zegt dat getal nu eigenlijk over jou? Goed om vooraf te weten: de BMI is een handige eerste indicatie, maar nooit het hele verhaal. Het zegt niets over hoe fit je bent, waar je vet zit, of hoe je je voelt.
Wat betekent BMI?
BMI staat voor Body Mass Index (in Nederland ook de Quetelet-index genoemd). Het is een getal dat je gewicht afzet tegen je lengte. Zo kunnen huisartsen en diëtisten snel inschatten of iemand een verhoogd gezondheidsrisico heeft door een te laag of te hoog gewicht.
Zo bereken je je BMI
BMI = gewicht (in kilogram) ÷ (lengte in meters × lengte in meters)
Een voorbeeld: je weegt 70 kilo en bent 1,75 meter lang.
Lengte × lengte: 1,75 × 1,75 = 3,06
70 ÷ 3,06 = ongeveer 22,9
Je BMI is dus ongeveer 22,9. Gebruik je lengte in meters (1,75), niet in centimeters (175).
Wat betekent de uitkomst?
Voor volwassenen geldt in het algemeen:
BMI | Betekenis |
|---|---|
Lager dan 18,5 | Ondergewicht |
18,5 tot 25 | Gezond gewicht |
25 tot 30 | Overgewicht |
30 of hoger | Obesitas |
Voor mensen van Aziatische afkomst hanteert het Voedingscentrum een iets lagere bovengrens voor een gezond gewicht (23 in plaats van 25).
Wat de BMI niet vertelt
De BMI heeft duidelijke beperkingen, want het getal kent maar twee ingrediënten: je gewicht en je lengte.
Spieren wegen meer dan vet. Iemand met veel spiermassa, zoals een sporter, kan een hoge BMI hebben zonder overgewicht.
Vetverdeling. De BMI zegt niets over waar het vet zit. Vet rond je buik en organen is ongunstiger voor je gezondheid dan vet elders.
Niet voor iedereen geschikt. De BMI is minder geschikt bij zwangerschap, bij ouderen en bij mensen met veel spiermassa. Voor kinderen en jongeren gelden aparte groeicurven, in plaats van de vaste grenzen voor volwassenen.
Gezondheid is meer dan een getal. Voeding, beweging, slaap, stress en erfelijkheid spelen allemaal een rol.
Je middelomtrek: een nuttige aanvulling
Daarom kijken artsen vaak ook naar je middelomtrek (buikomvang). Meet die rechtop staand, na het uitademen, ter hoogte van je navel, met een soepel meetlint. Volgens gangbare richtlijnen is het risico op hart- en vaatziekten en diabetes verhoogd bij een middelomtrek van meer dan ongeveer 94 centimeter bij mannen en 80 centimeter bij vrouwen, en sterk verhoogd bij meer dan 102 centimeter bij mannen en 88 centimeter bij vrouwen. Bespreek de uitkomst met je huisarts.
Wat doe je met je BMI?
BMI binnen de gezonde range? Mooi. Blijf gevarieerd eten en regelmatig bewegen.
BMI boven de 25 of onder de 18,5? Maak je geen paniek, maar bespreek het met je huisarts. Die bekijkt het in samenhang met je leefstijl, je middelomtrek en je gezondheid.
Nooit op eigen houtje drastisch ingrijpen. Zeer streng diëten of zware beperkingen zijn niet gezond. Zoek hulp bij een huisarts of diëtist.
Merk je dat het gewicht of je BMI steeds meer je dagelijks leven en je gedachten bepaalt, of voel je je onrustig over eten en lichaam? Praat daar dan met je huisarts over.
Dit artikel is geen medisch advies. Een BMI is een indicatie, geen diagnose.