Bewegen voor het hele gezin
Kinderen die buiten rennen, ouders die op de bank hangen: het is een beeld dat veel gezinnen herkennen. Maar bewegen is zoveel leuker als je het samen doet. Het geeft energie, versterkt de band en geeft kinderen een voorbeeld dat ze nooit meer vergeten. Het goede nieuws: je hoeft er geen sportclub of dure uitrusting voor te hebben.
Hoeveel beweging heeft een gezin nodig?
Volgens de Beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad hebben kinderen en jongeren van 4 tot 18 jaar elke dag minstens een uur matig intensieve beweging nodig, en minstens drie keer per week activiteiten die spieren en botten versterken, zoals klimmen, springen of touwtjespringen. Volwassenen hebben minstens 150 minuten per week nodig. Als je samen beweegt, kom je al een heel eind.
Ideeën voor jong en oud
Voor het dagelijkse leven
Fiets of loop naar school of werk, zeker voor korte afstanden.
Maak na het eten een ommetje met z’n allen.
Laat de kinderen helpen met tuinieren, de hond uitlaten of boodschappen doen.
Voor het weekend
Ga wandelen of fietsen in een bos of duingebied, met een speurtocht of picknick.
Ga zwemmen, schaatsen of naar de speeltuin.
Ga naar een klimpark of een trampolinepark.
Voor thuis
Een dansfeestje in de woonkamer, met de favoriete liedjes.
Een binnen-hindernisbaan van kussens, stoelen en dekens.
Spelletjes zoals verstoppertje, tikkertje, touwtrekken of ‘de vloer is lava’.
Hoe motiveer je kinderen?
Maak het speels. Kinderen zien bewegen niet als ‘gezond’, maar als plezier.
Laat ze meebeslissen. Een kind dat zelf een activiteit kiest, doet vaker mee.
Wees zelf het voorbeeld. Kinderen kijken wat jij doet.
Houd het positief. Prijs inzet, niet prestatie.
Beperk schermtijd, bijvoorbeeld met vaste afspraken, en bied alternatieven aan.
Tieners: een uitdaging
Tieners vinden ouders met een wandelplan vaak niet de leukste. Laat ze zelf een sport of activiteit kiezen, of spreek af dat ze iets doen met vrienden. Soms werkt een klein verzoek: ‘ga je mee naar de supermarkt op de fiets?’ beter dan een groot plan.
Wat als er weinig geld is?
Beweging kan gratis zijn: wandelen, fietsen, spelen in het park. Zijn sportlidmaatschappen te duur? Kijk bij je gemeente of bij het Jeugdfonds Sport & Cultuur of er ondersteuning mogelijk is.
Houd het haalbaar
Begin met één vast gezinsmoment per week, bijvoorbeeld een zondagse wandeling, en bouw dat langzaam uit. Een klein ritueel dat blijft, is beter dan een groot plan dat na een maand stopt.
Heeft je kind een medische aandoening of beperking? Overleg dan met de huisarts of een kinderfysiotherapeut over passende beweging. Dit artikel is geen medisch advies.